Nieuws

'Je kunt als werkgever veel fout doen'

Door Petra Jansen

TILBURG - Hoe maak je psychische problematiek bespreekbaar? Een van de manieren is het koffiegesprek met Tilburgers die een voorbeeldfunctie hebben. Ervaringsdeskundigen Paola van den Noordt en Jessica Rits gaan op bezoek bij Hanneke Ekelmans, politiechef bij de eenheid Zuid-West-Brabant, waar 3500 mensen werken.

Ze vindt het een leuke vraag, zegt Hanneke Ekelmans enthousiast aan het begin van het gesprek: Hoe maak je psychische problematiek bespreekbaar? "Ik vind dit een leuk thema omdat ik alles leuk vind wat a-typisch is maar wel over ons werk gaat", aldus Ekelmans. "Bij het aansturen van een grote organisatie als de onze loop je altijd het risico dat je de dingen blijft doen zoals je ze altijd deed. Maar we moeten juist brede input krijgen. Dat houdt het leuk. In die categorie valt wat mij betreft ook dit gesprek."

Paola van den Noordt en Jessica Rits zijn nieuwsgierig naar het antwoord op de vraag hoe Hanneke Ekelmans met al haar ervaring aankijkt tegen psychisch kwetsbare mensen én hoe de politie omgaat met mensen (zowel extern als intern) die psychisch in de knoop zitten.

Veel dingen verkeerd

Tijdens het gesprek blijkt al direct dat Hanneke Ekelmans in haar lange loopbaan de nodige ervaringsdeskundigheid heeft opgebouwd als het gaat om het voeren van gesprekken over psychische beperkingen en met mensen die ermee worstelen. "Wanneer je als werkgever te maken krijgt met een werknemer die last heeft van psychische klachten of psychische problematiek, dan kun je heel veel dingen verkeerd doen", zegt ze. "De vraag is namelijk altijd: Wat werkt en wat werkt niet? Hoe help je iemand echt? We zijn als politie prima in staat om goede gesprekken te voeren met mensen, maar dat vraagt wel om rust en aandacht en om het loslaten van vooroordelen."

Blije benadering

Volgens Hanneke Ekelmans is er een valkuil voor mensen die zo'n gesprek aangaan. "De valkuil is dat ze kiezen voor wat ik noem de 'blije benadering'. Ik ken zelf in mijn directe omgeving twee mensen die de neiging hebben om depressief te zijn. In mijn wens om hen te helpen, koos ik in het verleden regelmatig voor de verkeerde benadering. Dan zei ik de verkeerde dingen. Toch ben ik achteraf blij dat ik dat heb meegemaakt, anders had ik in mijn werk niet geweten dat je de plank kunt misslaan en wanneer dat het geval is. Ik weet nu dat er maar één ding is wat ik kan doen: luisteren. Het is voor een werknemer namelijk onwijs moeilijk om tegen zijn of haar werkgever te zeggen: 'Luister naar mij.' Want mensen die met psychische problemen worstelen, zitten vaak klem. Wanneer je dat als werkgever beseft, weet je dat je alleen nog je voelsprieten kunt aanzetten en moet luisteren naar wat iemand te vertellen heeft."

Jessica Rits: "Dat herken ik. Het is vaak heel goed om de dingen vooral niet in te vullen voor een ander. Laat ze vooral gewoon blanco vertellen wat er speelt."

Schaamte

Ook Paola van den Noordt bevestigt dat er vaak schaamte is bij mensen met een psychische beperking. "Veel mensen schamen ze zich voor hun probleem. Zelf ben ik een tijdlang chaotisch geweest en in de war. Ik was cliënt bij de ggz. Als ik een baan had, ging dat elke keer al heel gauw mis, omdat ik er niet in slaagde om te vertellen wat eraan scheelde. Ik liep telkens op mijn tenen, was bijvoorbeeld heel gevoelig voor prikkels in mijn directe omgeving. Zulke dingen zijn lastig uit te leggen aan een werkgever. Als ik het probeerde, dan was de reactie: 'Kom op, even doorzetten, het komt vast weer goed.' Maar dat was niet zo. Inmiddels heb ik geleerd om te benoemen wat ik nodig heb richting mijn huidige werkgever. Zodra ik mezelf onprettig voel, benoem ik wat er aan de hand is. Zo kan ik voor mezelf de juiste omstandigheden creëren."

Hanneke Ekelmans: "Dat betekent dat je van je werkgever de ruimte krijgt om te mogen vertellen waar je kwetsbaar in bent zonder dat je meteen veroordeeld wordt."

Stoere werkomgeving

"En krijgen ze dat ook bij de politie?", wil Paola van den Noordt weten. Hoe makkelijk of lastig is het voor iemand die bij de politie werkt om zijn of haar eventuele psychische beperking bespreekbaar te maken? "De politie is tenslotte een behoorlijk stoere werkomgeving", meent Van den Noordt. Hanneke Ekelmans geeft een genuanceerde reactie: "Enerzijds hoort het bij de politiecultuur dat alle registers worden opengetrokken als iemand een hulpvraag stelt. Want wie bij de politie werkt, komt vaak genoeg nare situaties tegen." Anderzijds is het voor de politieorganisatie niet altijd even makkelijk om om te gaan met mensen met een psychische beperking, erkent Ekelmans: "We zijn een actie- en doelgerichte organisatie. Dus vinden we het best lastig als mensen niet precies kunnen vertellen wat eraan scheelt of niet precies weten wat hun doel is."

Luistert nauw

Paola van den Noordt herkent dat het nauw luistert hoe je iemand benadert die het psychisch moeilijk heeft: "Bij mij sloegen mensen soms een arm om mijn schouder. Maar dat vond ik vaak helemaal niet prettig. Voor mijn gevoel benadrukte het alleen maar dat ik een probleem had." Hanneke Ekelmans: "Of dan vraag je aan iemand: 'Zwaar hè?' Terwijl die persoon net een goede dag heeft. Dan valt je zogenaamde begrip helemaal verkeerd. Van de personen in mijn omgeving heb ik geleerd dat luchtigheid vaak heel prettig is. Afleiding ook. En het duurde een hele tijd voordat ik ging vragen: 'Wat verwacht je van mij? Wil je dat ik het oplos? Wil je dat ik luister? Wil je mijn advies?' Meestal willen ze dat ik alleen maar luister."

Ontroert nog steeds

Hanneke Ekelmans geeft zelf ook een voorbeeld, van een situatie tijdens het Amsterdam Dance Event. "Een jongen ging door het lint en werd afgevoerd naar een cellencomplex. Als iemand geslikt of gezopen heeft, dan sluiten we hem normaliter een tijdje op. Maar een collega zei: 'Hier klopt iets niet. Kijk eens in het systeem of hij bij ons bekend is.' Wat bleek? Er was sprake van psychische problematiek. Die collega ging met die jongen op de grond zitten en ze begonnen te praten. Twee uur lang. Dat bleek de juiste aanpak te zijn. Als we hem in de cel hadden gezet, was dat voor die jongen een traumatiserende ervaring geweest. De manier waarop mijn collega dat aanpakte, ontroert mij tot de dag van vandaag. Hij vertrouwde op zijn gevoel en volgde het. Dat maakt mij trots. Als politie kunnen we knokken op het Rembrandtplein als het nodig is, maar we kunnen ook aandacht geven aan mensen."

|Doorsturen